Over ons

Hoeve 202

Een koloniehuis met de sfeer van vroeger en het comfort van nu

Het gastenverblijf van Hoeve 202 bestaat uit een ruime zit- en eetkamer op de begane grond en drie comfortabele slaapkamers in het aangebouwde deel van het huis. Een van de kamers bevindt zich op de begane grond, de andere twee liggen op de eerste verdieping. Daarnaast is er een zolder met extra slaapruimte, die samen met de Kamer van de Kolonist geboekt kan worden. Elke kamer heeft een eigen karakter, geïnspireerd door de geschiedenis van de omgeving.

De Kamer van de Kolonist draagt de herinnering aan vroegere bewoners en het koloniale verleden van de hoeve. De Kamer van de Rietvlechter is een knipoog naar het nabijgelegen Noordwolde, dat bekendstaat om zijn traditie van rietvlechten. De Kamer van de Ruiter sluit aan bij de paardencultuur van de streek, met subtiele details die verwijzen naar het buitenleven te paard en uitzicht op de wei.

Gastheer jaap

Met oog voor mens en dier

Na jaren in Rotterdam en een leven vol reizen en stadse dynamiek, besloten Jaap en Yvonne in 2016 het roer om te gooien. Ze verhuisden naar het platteland om daar hun paardenpassie te volgen.

Jaap, van jongs af aan met paarden vergroeid, volgde zijn opleiding tot Lange Teugel Instructeur bij de NCSAH. Gastvrijheid zit in zijn karakter – voor mensen, dieren en erf.

De geschiedenis

200 jaar kolonieverhaal

In juni 1821 werd de oorspronkelijke woning, toen nog met huisnummer 49, toegewezen aan Cornelis van Nieuwenhoven uit Leiden. Hij woonde hier met zijn vrouw Johanna Leemans en later hun tien kinderen. De hoeve was onderdeel van Kolonie II van de Maatschappij van Weldadigheid.

Door de jaren heen veranderde het huis meerdere keren van nummer (van 49 naar 46 en uiteindelijk naar 202) en uiterlijk, maar het bleef altijd op dezelfde kavel staan. Daarmee is Hoeve 202 een van de weinige koloniehoeves die nog volledig op hun oorspronkelijke plek bewaard zijn gebleven. In 1956 werd de boerderij verkocht aan de familie Veldmeijer, die de deel aan de achterkant van het huis liet bouwen. Deze uitbreiding maakt nog steeds deel uit van het huidige gastenverblijf. Tot in de jaren ’90 werd de hoeve bewoond door afstammelingen van de oorspronkelijke kolonistenfamilie.

Sinds 2007 leeft de hoeve voort als Weldadig Oord – een bed & breakfast voor ruiter en paard, reiziger en rustzoeker. Het gebouw is gemoderniseerd met respect voor zijn geschiedenis: hedendaags comfort in een huis waar het verleden voelbaar blijft.

De Maatschappij van Weldadigheid

Een nieuw begin op het platteland

Na het vertrek van Napoleon uit Nederland wilde generaal Johannes van den Bosch iets doen aan de grootschalige armoede in de steden. In 1818 richtte hij de Maatschappij van Weldadigheid op. Het idee was om mensen die het moeilijk hadden, een nieuw begin te geven op het platteland – met werk, onderwijs en onderdak.

De koloniën waren een vooruitstrevend sociaal experiment en vormden het begin van de georganiseerde armenzorg in Nederland. Kolonie II, waarin Hoeve 202 zich bevindt, werd in 1821 gerealiseerd. Elke kolonistenfamilie kreeg een eenvoudig huisje en een stuk grond van ongeveer drie hectare. Rondom Frederiksoord verrezen op deze manier ruim vierhonderd van zulke woningen. Dit erfgoed is vandaag de dag nog zichtbaar in het landschap, in de opzet van de kavels, de architectuur van de woningen en de geschiedenis van de bewoners.

In 2021 kreeg dit unieke stukje Nederlandse geschiedenis internationale erkenning met de toekenning van de UNESCO Werelderfgoedstatus.

Scroll naar boven